04-03-05

I’m a ‘Brus’, and proud of it!!

Ik ben een ‘Brus’ en ben er fier op! M’n broer Ward is een belangrijk deel van m’n leven en desondanks het feit dat we elkaar niet zo vaak zien was hij wel de inspiratiebron van m’n thesis en een tijdje geleden heb ik ook voor m’n broer Ward een blogje gemaakt… veel staat er (voorlopig) nog niet op maar je krijgt er toch een beetje een kijk op zijn wereld…

Weet jij wat een brus is? Ben je zelf brus?
Het woord brus is een samentrekking van de woorden BRoer  en zUS.
Brussen zijn broers of zussen van personen met een handicap of stoornis.
Heb je ook een broer of zus die anders is dan de anderen? Een broer of een zus met een handicap of een ernstige ziekte? Dan ben jij ook een brus!!

De Brussenwerking is een werking voor broers en zussen (=brussen) van mensen met een handicap of stoornis. De werking vormt een kennis en ondersteuningscentrum voor alle brussen, ouders, professionelen en andere belanghebbenden.
Opgroeien in een gezin met een kind met een handicap is iets unieks. Brussen kunnen in vergelijking met hun leeftijdsgenoten een aantal unieke vragen (bv. schuld, schaamte, jaloezie) en een aantal unieke kansen (bv. verantwoordelijkheidszin, verdraagzaamheid,…) vertonen. Ze zijn vaak een vergeten groep die zo goed als nergens met hun vragen terecht kan.
De Brussenwerking wil de plaats en het belang van de brus in het gezin benadrukken en dit gedachtengoed verspreiden in voorzieningen, scholen, diensten, verenigingen, … We proberen aan professionelen te verduidelijken dat naast ouderbegeleiding, ook brussenondersteuning aangeboden kan worden. Aan ouders proberen we mee te geven dat aandacht voor de brus(sen) in hun gezin belangrijk is.
Het aanbod van de Brussenwerking richt zich tot jonge brussen, twaalfplussers en volwassen brussen. We verzorgen ook voordrachten voor ouders en professionelen.
Wil je meer weten? Ga dan naar http://www.brussen.be/

00:48 Gepost door Sara | Permalink | Commentaren (1) | Tags: inclusie, personen met een beperking |  Facebook |

Commentaren

Schrijven over je broer of zus met een verstandelijke beperking Ik vond het volgende artikeltje op de zetnet-site (http://www.zetnet.nl/zetnet3/achtergrond.php3?id=26).

'Ik ben maar een zus' door Marieke Kruijt
Wat inspireert een schrijfster om vanuit betrokkenheid met (de zorg voor) mensen met een verstandelijke handicap te schrijven? Op deze vraag probeerde schrijfster Lydia Rood tijdens een lezing in Eindhoven antwoord te geven. Haar verhaal gaf mij inspiratie om mijn gedachten over de combinatie schrijven en mensen met een verstandelijke beperking eens op papier te zetten.

Broers en zussen nemen vaak een bijzondere plaats in in het leven van mensen met een verstandelijke beperking. Maar andersom is het misschien nog veel ingrijpender. En die betrokkenheid hoeft zich niet alleen te beperken tot je privéleven. Niet zelden is het ook terug te zien in het werk van broers en zussen. En dan vooral op het creatieve vlak. Schrijfster Lydia Rood gaf een lezing over de 'geraaktheid over (de zorg voor) mensen met een verstandelijke handicap'. Haar broer Job is namelijk autistisch en, zoals ze zelf zegt, 'dat doet dingen met je'.
In 1994 schreef ze over hem 'Het boek Job' en ook in verschillende andere boeken duiken personages met een handicap steeds weer op.

(foto Lydia Rood)

Te dichtbij
Ook voor mij als journalist is het schrijven onlosmakelijk verbonden met mijn broer Wouter, die een verstandelijke handicap heeft. En als het niet over mensen met een verstandelijke beperking gaat, dan toch op zijn minst wel over mensen die moeten leven met beperkingen, of dat nou asielzoekers zijn of daklozen. De interesse om me in te leven in minderheden (op allerlei gebied) komt overal in terug. Maar de verhalen over mijn eigen broer, die het syndroom van Prader-Willi heeft en zijn leven lang in een instelling zal wonen, zijn het moeilijkst. Zet maar eens je betrokkenheid op papier terwijl je zelf vaak niet eens weet of je het wel goed aanpakt. Probeer met woorden maar eens de misstanden in zijn leven (en het leven van veel mensen met een verstandelijke beperking) te laten zien. Het stond me vaak te dichtbij om iets op papier te krijgen.

Mijn onderwerpkeus leverde diepgaande gesprekken op met docenten op de School voor Journalistiek, dat wel. Over de onmacht die ik voelde toen mijn broer niet gelukkig was op de instelling waar hij tot voor kort heeft gewoond. Aan de ene kant had ik er alles voor over om zijn situatie te verbeteren, aan de andere kant twijfelde ik of ik dat moest
doen door samen met mijn moeder hele belangrijke beslissingen over zijn leven te nemen.

De juiste toon
Broers en zussen zijn vaak deskundig door alle (emotionele) ervaringen die ze samen met hun gehandicapte broer of zus hebben doorgemaakt. Zelf voelen ze dat echter niet zo, en zichzelf als deskundige profileren in een boek of artikel is dan ook het laatste dat ze willen. In Het boek Job vraagt ook Lydia Rood zich af: 'Wat bezielt me om een heel boek te schrijven over mijn eigen broer (..)? Waarom durf ik anderen lastig te vallen met het verhaal over die ene autistische jongen die ik door en door ken? (...) Ik ben maar een zus.'

Al deze twijfels maken het er niet makkelijker op om de juiste toon te vinden. En naast een heleboel motivatie heb je - hoe gek het misschien ook klinkt - een zekere mate van afstand nodig om je verhaal op papier te zetten. Je kunt je nog zo inleven en proberen te begrijpen wat iemand beweegt, ook pogingen om overzicht te krijgen zijn nodig. Want - en dit is Lydia Rood heel goed gelukt - soms kun je door die afstand de betrokkenheid juist beter weergeven: 'Wie is Job dat er een boek over hem moet zijn en wie ben ik dat ik dat moet schrijven? Het antwoord is simpel. Het moet niet. Het heeft geen enkel nut. Maar ik wil het graag. (...) Wie de pech of het geluk heeft van een autist te houden, is veroordeeld tot een leven lang dwalen en zoeken. En omdat ik schrijvend leef, kan ik ook beter zoeken door te schrijven. Dat ik onderweg van alles aan de weet ben gekomen - over mezelf, over de manieren waarop mensen elkaar kunnen kwetsen en helpen - is meegenomen, maar het is niet waar het waar het me om ging.'

Lydia Rood - Het boek Job (Prometheus Amsterdam 1994)

Gepost door: Sara | 26-04-05

De commentaren zijn gesloten.